Booghand

Booghand

  • De booghand wordt tegen de kolf van de boog geplaatst ter hoogte van de "Y" gevormd door duim en wijsvinger.
  • Duim en vingers vormen een losse ring rond de greep.
  • Pols en vingers blijven ontspannen.
  • De elleboog wordt van de boog weggedraaid.

Koordhand

Dit is de moeilijkste schakel om aan te leren. De meest gebruikte methode is de Middellandse methode, d.w.z. 1 vinger boven en 2 vingers onder het keeppunt.

Methode
  • Het haken van de vingers dient in de eerste vingerplooi te gebeuren.
    De vingertoppen moeten naar de schutter gekeerd worden.
  • Plaats de wijsvinger 3 mm boven het keeppunt, de midden- en ringvinger onder het keeppunt. Die 2 vingers mogen het keeppunt lichtjes raken. De vingers moeten haaks langs het koord liggen.
  • Ontspan de pols en hou de rug van de hand recht.
  • De hand en de voorarm moeten 1 horizontale lijn vormen.
  • De druk verdelen over de 3 vingers op het koord.

 

Opmerking

Bij het plaatsen van de vingers moet men kijken en voelen.

JoomShaper